Hoofdstuk 10: Het slot. Heksen nu. Witte en zwarte heksen
Mensen praten, ook tegenwoordig nog, over witte en zwarte magie. Dat verschil wordt al heel lang gemaakt en het komt overal voor. Meestal wordt er mee bedoeld dat witte magie 'goed' is en zwarte magie 'slecht'. Men denkt dan bijvoorbeeld aan een heks die kruiden gebruikt om mensen te helpen tegenover een heks die ze gebruikt om mensen ziek of dood te maken.
De vraag is of dat verschil echt bestaat. Tegenwoordig weten we dat het niet gaat om de wetenschap, de kennis, maar om het gebruik wat er van wordt gemaakt. Iemand die in een ziekenhuis mensen beter maakt met medicijnen is 'goed', terwijl iemand die diezelfde medicijnen gebruikt om mensen te vergiftigen slecht wordt genoemd.
Datzelfde geldt voor de kennis waarover 'heksen' konden beschikken. Natuurlijk werd er wel eens magie bedreven met slechte bedoelingen. Maar over het algemeen moeten we bedenken dat heksen probeerden goed te doen. Ze waren voor hun voedsel en hun werk afhankelijk van de dorpsbewoners. Die mensen kwamen niet meer naar hun toe als ze mensen ziek maakten. Als ze gevraagd werd om in de toekomst te kijken, voorspelden ze goede dingen, zoals succes bij de jacht, een goede oogst, het terugvinden van verloren voorwerpen en het beter maken van zieke mensen en zieke dieren. Ze probeerden slechte zaken te verdrijven en gaven beschermende voorwerpen mee aan reizigers en soldaten.
Maar de mensen voor wie ze die dingen deden waren toch vaak ook bang voor de heksen. Als ze de macht hadden om dingen te voorkomen of te genezen, dan konden ze die ook gebruiken om dingen juist wèl te laten gebeuren of om ziektes te verspreiden.
De heksenvervolgers hebben gebruik gemaakt van deze angst. Dat is de reden waarom we heksen nu nog altijd verbinden met zwarte magie en enge oude vrouwtjes met slechte bedoelingen. En ook nu nog worden er soms mensen gedood omdat hun buren bang zijn voor tovenarij.
vragen: